dinsdag 19 augustus 2014






Verschil dat onderscheid...

Ik kan niet onderscheiden 
geloof in het ongeloof,
maar ik mag mij wel verblijden
in God mijn Opperhoofd,
Hij kan onderscheiden
mijn hart in diepste grond,
bij voorspoed en in lijden,
geschiedt Zijn wil terstond.


Ik kan niet onderscheiden
in voor- of tegenspoed,
maar ik weet dat God
in blijdschap en in lijden
het goede voor mij doet.
Hij weet in al mijn dingen
wanneer ik huilen zal of zingen
wanneer dat bij mij komen moet.


Ik kan niet onderscheiden
het goede en het kwaad,
Gods Geest kan het mij leren,
waardoor ik dat versta.
Maar ik mag mij wel
 in mijn God verblijden
omdat Hij mij in Christus laat weten,
dat Hij mij niet verlaat.


Ik kan niet onderscheiden
het leven of een geestelijk dood,
Jezus geeft mij door Zijn lijden,
het verschil om te kunnen onderscheiden,
 dat niet Hij maar ik het ben,
de oorzaak van Zijn dood.
Waardoor ik mij in God kan verblijden
dat Zijn liefde mij redde uit die nood.


Ik kan niet onderscheiden
Gods ondoorgrondelijke voorzienigheid,
waardoor ik niet kan weten,
de lengte van mijn tijd in Zijn eeuwigheid.
Maar God zal mij alles eens verklaren,
waarom Hij mij door Zijn liefde
mij nu nog wil bewaren,
waarna ik Hem nooit meer hoef te vragen
wat haat van liefde onderscheidt.


Soli Deo Gloria!



Het hart van mij...



O Heer' zet in het hart van mij,
alle aardse dingen voor U opzij.
Laat daarin geen enkel mens bij mij binnen dringen
om voor hun liefde voorrang af te dwingen.


Laat geen wens in mijn hart bestaan,
dat naar Uw wil in mij voor zal gaan.
Maak U Heer' mijn hart zo zuiver en rein,
dat voor Uw liefde ontvankelijk zal zijn.


Doe Heer', de verleidingen daaruit weg,
geef aan mijn ziel een oor dat hoort wat U zegt,
laat ook mijn mond er naar spreken,
zodat de satan zich op mij niet meer zal wreken.


Laat Uw kracht in mijn hart het bepalen,
wat mijn handen en voeten uit zullen halen,
troostende woorden en gewillig daar staan,
waar U Geest mij naar toe laat gaan.


Ontledig mijn hart van ijdel geluid,
ga met Uw stem daarin aan alles vooruit,
zodat duivelse valse stemmen,
daarin niets meer voort kunnen brengen.


Hoor Heer', uit mijn hart dat gebed,
dat door Uw Geest is ontstaan,
waardoor ik zal wandelen naar Uw wil en wet,
daarmee bij anderen voor kunnen gaan.


Laat in mijn hart Uw Woord wonen Heer',
dan kan de satan geen plaats meer vinden,
die heeft U na Uw kruisdood vast kunnen binden,
daardoor looft mijn ziel U keer op keer. 


Soli Deo Gloria!
     
Zaligsprekingen (6)
Zalig zijn de reinen van hart, want zij zullen God zien (Mattheüs 5:8, weergave 1534).

Hier volgt de zesde eigenschap van de leerlingen van Christus.Een rein hart is – eenvoudig gezegd – een hart dat niets op aarde méér liefheeft dan het Woord van God. De wereld evenwel hangt met hart en ziel aan geld, goed, macht, aanzien en rijkdom.Lukas zegt: dat ze onreine harten hebben, waarin Gods Woord geen vrucht kan dragen, net als een vervuilde akker vol stenen, vol distels en doornen en allerlei onkruid ook niets goeds kan voortbrengen (vgl. Lukas 8:6 vv).
Als de mensen echter zó gesteld zijn dat ze geld, goed en alle andere dingen hebben als niet hebbende [vgl. 1 Korinthe 7:29 vv], en Gods Woord en koninkrijk eerst en meest zoeken [vgl. Mattheüs 6:33], dan hebben ze pas echt goede en reine harten.
Daar zal de vrucht van dag tot dag meer groeien en toenemen, zoals Petrus ons vermaant: ‘Maar wast op in de genade en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus’ (2 Petrus 3:18). Dat wil zeggen: dat we God steeds beter leren kennen; en vanwege Zijn genade ons hoe langer hoe meer vertroosten en verheugen.
Dat zijn nog eens zalige mensen, waarvan Christus uitroept: ‘En dit is het eeuwige leven, dat zij U, omdat U alleen de ware God bent, en Hem kennen Die U gezonden hebt, Jezus Christus’ (vgl. Johannes 17:3).Daarentegen zijn de anderen, ondanks al hun bezittingen, maar ongelukkige [letterlijk: onzalige] mensen, en wel omdat zij óf het Woord niet hebben óf het niet ter harte nemen. Daardoor kunnen ze het Woord hun enige troost en schat niet laten zijn.
Op die manier komen ze immers nooit zover dat ze God zullen zien of zullen kennen.
Als het nu op de dood aan gaat, en de christenen dan alle troost, vreugde en hoop in God hebben, dan moeten die anderen voor God vrezen – ze zijn nog banger voor God dan voor de duivel! Daar moet dan ook wel een rampzalig en ellendig sterven op volgen.
Daarom moeten we slechts blijven bij het Woord, en dat alleen in onze harten laten wonen en laten schijnen.
Daar [in het Woord] zullen we God goed zien en zeker zijn dat Hij een genadige en barmhartige God is. En hoewel geen mens voor Hem onschuldig is, weten we toch dat Hij al onze zonden heeft vergeven en omwille van Christus ons voor eeuwig zal zaligmaken.


Maarten Luther

maandag 18 augustus 2014



Wie volgt?


Wie neemt het voor de ander op,
in plaats van eerst zichzelf?
Wie springt er voor Gods recht in,
als de overtredingen daarvan niet stoppen?


Wie is het die naar voren komt
en zegt dit kan niet zomaar gaan,
zonder God mag er niets worden gedaan,
 voor de overtreders bij God op de knieën gaan?


Wie laat het toe daar waar men zwijgt,
over het kwaad wat God verbiedt,
wie is het die een gelovige blijkt
en zegt zo wil Gods wet dat niet?


Wie laat het toe, voor het gevaar dat dreigt,
zijn medemens daarop te wijzen,
als Gods toorn daarover tot de lippen stijgt,
wie zal God voor hulp dan niet aanprijzen.


Wie zal het zeggen maar niet doen,
wat God aan alle mensen vraagt,
om juist door woord en daad
in navolging naar Jezus Christus wijzen?


Wie heeft er meer zijn naaste lief dan Jezus,
die God aan de zondaars overgaf,
om hun zondeschuld weg te dragen,
wie is het die daar niet naar kijkt, 
Hem geen vergeving zal vragen?


Die is het Die God aanbeveelt,
om Hem om hulp en rust te vragen,
wie met hem het kruis, graf en 
de van God verlatenheid deelt,
 zal Hij in Zijn armen naar het Vaderhuis dragen.


Soli Deo Gloria!   



Kom daar,
waar het altijd kan!

Mattheüs 5:44
Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen;

Liefhebben is geen kunst,
om dat te doen bij hen
die ons liefhebben,
maar een Goddelijke gunst
om dat aan hen te geven
die ons haten.


Bidden is geen kunst
voor diegenen
die wij beminnen,
maar ook een Goddelijke opdracht
om dat te doen
voor hen die met ons
niet meer opnieuw
willen beginnen.


Helpen is geen kunst
voor hen die ons
daarvoor dankbaar zijn,
maar moeilijk blijkt het te wezen
bij hen die je hulp
hebben afgewezen.


Leren is geen kunst
aan hen die dat graag
van jou willen ontvangen,
maar een zeer zware taak
bij hen die dat, omdat jij het bent,
liever van een ander verlangen.


Genezen zijn wil iedereen
die graag wil blijven leven,
die zal zeker komen tot Hem
die daar de garantie voor kan geven,
maar ontvangen zij die niet vooraf
dan zullen zij Hem zeker
de schuld van hun kwalen geven.

Mattheus 11:28

Komt allen tot mij
die vermoeid en belast zijn
en ik, (zegt de Heer')
zal U rust geven,
zoals Hij dat kan en wil
kan dat niemand anders meer!


Soli Deo Gloria! 



Gods voorzienigheid,
vanzelfsprekend of niet?



Vanzelfsprekend was het niet,
waardoor de mens Gods weg verliet,
dat was en is, een door hem
weloverwogen onherstelbare daad,
waarmee hij Gods wil en wet verlaat.


Vanzelfsprekend is het nu wel,
dat lege vervallen kerkgebouw,
waar de stenen dit aan mij vertellen,
hoeveel en hoelang het duurde dat daar
gesproken werd van Gods eeuwige trouw.


Vanzelfsprekend gebeurt er niets,
daar waar God geen weet van heeft,
nog laat Hij ons weten
wat Hij voor ons doet, ons niet is vergeten,
die tijd heeft Hij voor ons afgemeten.


Vanzelfsprekend is dat niet,
dat alles wat is en eertijds was,
zal onder zijn wil blijven of vergaan als gras.
Gods voorzienigheid bepaalt het al
wanneer het verdwijnt of nog blijven zal.


Vanzelfsprekend was en is het wel,
dat Gods Zoon Zijn Vader gehoorzaamde,
dat is wat Gods Geest aan ons vertelt,
wat mensen die in Jezus geloven beaamden,
Vader en Zoon zijn Eén.


Vanzelfsprekend is het ook,
dat straf op overtreding moet volgen,
maar niet dat God daar automatisch
vergeving en vrijspraak op doet volgen,
dat doet Gods genaderecht in Christus alleen.


Vanzelfsprekend was het niet,
dat Jezus voor ons de hemel verliet
om voor onze schuld te moeten sterven,
dit is voor degene, die in Hem geloven
het allergrootste wonder!


Van Zichzelf sprekend is Gods Liefde wel,
anders zijn kan God daarin niet!


Soli Deo Gloria!

zondag 17 augustus 2014





Julianakerk zondag 17 aug. 09.30
Efeze 3


Dat wat bedekt was is onthuld
door Jezus komst op aard vervuld.
Wat eertijds aan ons was beloofd
kan door Zijn komst nu worden geloofd.


Gods Geest die op mij is uitgestort,
zorgt dat Gods Woord mij verkondigd wordt.
Nu ziet mijn ziel verheugd wat hem is beloofd,
juicht met blijdschap, door wat ik van God geloof.



God kent mijn bezwaard gemoed
waardoor ik van satan bijna stikken moet,
maar nu ik op mijn Verlosser kan zien,
weet ik waarom hij de hel voor eeuwig verdient.



Verheugd ga ik op naar Gods verlossend Woord,
om in Zijn huis uit Zijn gunst te mogen horen.
Want door Zijn Geest heb ik daar eerder gehoord,
hoe ik door Zijn Woord opnieuw ben geboren.



Hoe tegensprekend ik eertijds was,
mijzelf geen mogelijkheid van vergeving gaf,
zo ruim en met blijdschap kan ik nu gaan,
omdat ik Gods Woord door Zijn Geest kan verstaan.



Kom ga met mij mee en wees verheugd
ga naar de plaats waar God met ons richt,
daar delen wij samen in Zijn genade, zingen van vreugd
die straalt door Hem van ons verblijd gezicht.



Kniel met mij mee in boete en berouw
over onze ontrouw en ongeloof in Zijn grote daden,
die Hij ons laat zien en daarop geeft Hij Zijn genade.
Wonder op wonder openbaart Hij ons, onze Vader.



God is Liefde,
dat maakte Hij voor ons
in Jezus Christus, Zijn Zoon waar!



Soli Deo Gloria!

zaterdag 16 augustus 2014


https://www.youtube.com/watch?v=-KW4glFBk6s


1. Vaste Rots van mijn behoud
die mijn vijand tegenhoudt
waar ik dikwijls onder zucht,
Heer' mijn hart naar U toevlucht,
want ik weet bij U alleen
daar komt hij er niet doorheen.


2. Schone schijn houdt hij mij voor,
aan mijn oog en in mijn oor,
lokt hij mij Heer' bij U weg,
wil dat ik doe wat hij zegt,
maar U bent mijn Rots, o Heer'
daarvoor kniel ik bij U neer.


3. Laat o Heer' wat men zal zien,
dat ik U met blijdschap dien,
door het werk dat U volbracht,
word ik veilig thuis verwacht,
dan is Heer', geen storm te groot,
want ik ben Uw gunstgenoot.


4. Wordt mijn ziel steeds weer benauwd,
omdat 'k U niet heb vertrouwd,
leg Uw arm dan om mij heen,
laat mij Heer', dan niet alleen.
Doe mij door Uw Geest dan zien,
hoe ik daardoor angsten dien.


5. Houd mij veilig aan Uw hand,
leid mij naar Uw Vaderland,
waar geen woest geweld bestaat,
nooit een vijand mij meer slaat,
maar mijn ziel in vrede leeft.
Ik mijn God de eer voor geef.



Soli Deo Gloria!



Oorlog of vrede?

lezen Joh. 16: 5-11


Wanneer ik naar oprechte vrede ga verlangen
tussen God- en satanswerk,
dan zal mijn echte ik, door een waar geloof
in Christus Gods Zoon, met Hem
ook aan het kruis komen te hangen
en heel Gods ware Kerk.
Want dat is naar Gods Heilig recht,
het door Jezus alleen verdiende genadeloon.
Gods onoverwinbare Liefde
regeert eeuwig in vrede vanuit Zijn troon.



Gods Geest openbaart en verklaart mij, 
 mijn schijnheilige wil naar vrede,
Hij valt mij met Gods Woord
naar Waarheid hiermee in de reden,
die ik mijzelf door satans wil heb aangewend.
Hij laat mij mijn onbespreekbare onwil zien
om aan Gods wil in vrede mee te werken,
zoals de eeuwen door, het slagveld Israël verdiend
   door het geloof in Christus nog niet waar te merken.



Gods Zoon verwierf de vrede door Zijn dood,
Hij riep aan het kruishout in grote nood,
Mijn God, Mijn God waarom verlaat Gij mij,
Hij kocht de ware vrede door zijn vergoten bloed
voor alle zondaren vrij,
die naar Gods recht en wil Hem toebehoren.
Geen mens gaat door een waar geloof
in dood en opstanding van Gods Zoon, verloren.



Mijn ziel en lichaam die elkaar bestrijden,
daar waar het in Christus met Hem begon te lijden
aan mijn opstand tegenover God,
dat elk mens met mij in Adam heeft gekozen.
Daarvan alleen rechtvaardigt God de 
 door Jezus bloed, aan Hem geschonken goddelozen.
De zielen zijn overtuigd van ongeloof
om uit zichzelf naar vrede te verlangen.
Zij buigen alleen door Jezus liefdewerk hun hoofd,
zij gaan vrijwillig met Hem aan het kruis,
komen met Hem verlost van dood, graf en hel
bij God hun Vader in vrede thuis.


Soli Deo Gloria! 


   

vrijdag 15 augustus 2014



Geen excuus maken!


Math: 7

21 Niet een iegelijk, die tot Mij zegt: Heere, Heere! zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet den wil Mijns Vaders, Die in de hemelen is.
22 Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heere, Heere! hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam duivelen uitgeworpen, en in Uw Naam vele krachten gedaan?
23 En dan zal Ik hun openlijk aanzeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij, die de ongerechtigheid werkt!
24 Een iegelijk dan, die deze Mijn woorden hoort en dezelve doet, dien zal Ik vergelijken bij een voorzichtig man, die zijn huis op een steenrots gebouwd heeft;
25 En er is slagregen nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangevallen, en het is niet gevallen, want het was op de steenrots gegrond.
26 En een iegelijk, die deze Mijn woorden hoort en dezelve niet doet, die zal bij een dwazen man vergeleken worden, die zijn huis op het zand gebouwd heeft;
27 En de slagregen is nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangeslagen, en het is gevallen, en zijn val was groot.
28 En het is geschied, als Jezus deze woorden geëindigd had, dat de scharen zich ontzetten over Zijn leer;
29 Want Hij leerde hen, als macht hebbende, en niet als de Schriftgeleerden.

Heel vaak worden de zonden
met een excuus afgedaan,
van ik kan toch niet anders,
vaak door mensen die meenden 
hun zonden te hebben verstaan!
Want als dat niet zo zou zijn
zou dat excuus niet kunnen ontstaan.


Maar wat wordt er dan
in het dankoffer aan God gebracht?
Dat is toch alleen in navolging
van het zoenoffer door Christus,
door de daad in gehoorzaamheid
aan Zijn Heilige wet,
vanuit een oprecht geloof 
als dankoffer aan Hem, 
door God mag worden verwacht?


Wanneer in de praktijk van mijn leven,
geen blijk van navolging
aan Jezus gebod van liefde, wordt gegeven,
zal God mij dan in genade doen leven?
En voor hen die dit niet hebben geweten
Zijn genade vergeten?


Deze ernstige vragen kwamen op mij af,
toen ik me opnieuw in de zonden begaf,
waarvan ik meende me niet te kunnen onttrekken
en dacht, God weet van mijn onmacht
en zal de vraag om vergeving 
  bij mij door Zijn Geest opwekken.
Weet ik dan niet dat ik God zo Zijn
beslissing over mij ontneem,
die Hij alleen aan mijn Zaligmaker
 door Zijn dood voor mijn zonden, geeft?


Gelovigen blijven zondaars
zolang zij zijn op aard,
wanneer zij die niet meer zouden doen
 hoeven zij hier niet langer worden gespaard,
hun leven is dan op het zwaarst belast
met de zonden, die Gods Geest
hen in Zijn Woord laat zien en verstaan.
Ja dan gaat het verlangen 
van hun verdrukte zielen ontstaan
 om verlost te worden van dat lichaam,
waarin zij de zonden hebben gedaan.


Geen zondaar zou door Gods Liefde
 weg willen blijven,
ver van hun God vandaan,
zij, die dit reeds mogen verstaan
zullen zonder dat zij deze uitkomst verwachtten 
 geen excuus kunnen maken 
maar aan Gods dankoffer hebben voldaan!


Soli Deo Gloria!  



15 augustus


„En Ik zal op hem schrijven de naam mijns Gods... en Mijn nieuwe Naam.” Openb.3:12b


Lezen: Filippenzen 2:5-11(3) (Ga naar dit bijbelgedeelte)


Het klinkt ongeloofwaardig dat Jezus gehoorzaam geworden is, maar het staat hier toch heel duidelijk. In de Hebreeënbrief staat zelfs dat Hij, hoewel Hij de Zoon was, de gehoorzaamheid geleerd heeft uit hetgeen Hij heeft geleden (5:8). Als de gehoorzaamheid van Jezus een eeuwige vanzelfsprekendheid was geweest, dan had Hij de Naam boven alle naam tevoren reeds bezeten.
Maar juist omdat Hij, ondanks alle verzoekingen die hier op aarde op Hem kwamen, de gehoorzaamheid verkoos boven het Zichzelf zoeken, daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de Naam boven alle naam geschonken.
O, als Jezus toch niet gehoorzaam was geweest! Maar Gode zij dank, Hij had niets te maken met nalatigheid die ten verderve leidt (Heb. 10:39) maar omdat Hij met Zijn gehele hart op de Vader was gericht, heeft Hij door Zijn overwinning, voor de verloren mensheid de weg tot God weer geopend. Daarom kunnen èn moeten we Hem ook volgen in deze overwinning, die Hij voor ons behaalde! Daarom ook moeten wij de slappe handen opheffen en de knikkende knieën strekken!
Om deze reden wordt er in de Bijbel zo ontzettend veel gesproken over overwinning. Zie:Rom.12:21; Openb.2:7,11,26; 3:5,12,21; 5:5; 12:11; 21:7; 1Joh.2:12,14; 4:4. Is het niet om er je hele leven voor op het altaar van God te leggen?
Want gelijk de Vader Jezus uitermate verhoogd heeft, zo zal de Zoon ook hen verhogen die de boze overwonnen hebben door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis: want de Naam boven alle naam, die Hij door Zijn gehoorzaamheid verkreeg, zal Hij ons geven die volhard hebben tot het einde: „En Ik zal op hem schrijven de naam Mijns Gods en Mijn nieuwe Naam!”

www.bijbelsdagboek.nl


woensdag 13 augustus 2014





Soli Deo Gloria!


Er is geen woord voor Gods Woord
en zal na Zijn Woord niet worden geschreven,
waardoor een dode zondaar kan komen tot leven.
Elk woord wat daar tussen in is gezegd,
en door mensen is bedacht of uitgelegd,
zal alleen die eer aan Gods Woord moeten geven.


Soli Deo Gloria!



Leven!



Het leven dat wij hier leven,
dat is niet ons eigendom,
wij zullen dat over moeten geven,
aan Hem die daarvoor betaalde de som,
waaraan geen mens zelf kan voldoen.
Hij die dat betaald zal hebben, 
heeft de schuld met Zijn bloed verzoend.


Het leven hier is kort of lang maar even
aan een ieder mens gegeven,
dat deel uitmaakt van een eeuwigheid,
wat tot eer aan de Schepper moet zijn toegewijd.


Dat leven heeft geen mens vrijblijvend verkregen,
daarvan  moet door elk mens rekenschap
aan de rechtmatige Eigenaar terug worden gegeven.
Wie dat is kan en wil Hij duidelijk maken in dit leven.


Geen mens heeft het recht om dat leven
te nemen in zijn eigen hand.
Die dat recht niet aan de Eigenaar zal geven,
is en wordt aan Zijn vijand voor eeuwig verpand.


Geen mens kan die keus nu zelf nog maken,
omdat Zijn afkomst dat eens verkeerd deed.
God in Christus alleen kan hem eeuwig gelukkig maken,
die door Zijn vergoten bloed die schuld vergeeft.


Het middel wat God aan de mensen gaf,
is het geloof door Christus verkregen,
dat verlost de mens van de dood, de hel en het graf,
geloven in Hem, wordt zien, dan eens opgeheven.


Gods Heilige Geest wijst ons in Zijn Woord 
de Weg, de Waarheid en het Leven.
Wie dat uit Zijn mond gelovend heeft gehoord,
die zal God eeuwig lovend de eer kunnen geven!


Soli Deo Gloria!

dinsdag 12 augustus 2014


Zolang duurt het!


Zolang het zonlicht nog mag schijnen
en de regen er ook weer is,
kan ieder mens zich in God verblijden
want zonder Hem wordt dat een gemis,
dan zullen zij zuchten of klagen,
wat hen naar God vuisten doet ballen
of naar Zijn gunst Hem doen vragen.


Zolang er nog werk is en brood op de plank,
zijn er die God daarvoor dankt,
ook zijn er mensen die dat zelf hebben verdiend,
zij erkennen niet Gods gunst, laat staan Hem als vriend.


Zolang men gezond is en men heeft geen gebrek,
dan vinden dat velen gewoon, niet gek,
maar als daar een einde aan komt,
dan raken de monden van de zelfverzekerde verstomd.


Zolang men geen weet heeft van God en Zijn gebod,
kent men geen overtreding en weet van geen zonden,
maar als iemand het hen heeft verteld,
dan kunnen zij niet als onwetend worden weggezonden.


Zolang het duurt gaan veel mensen hun eigen gang,
zij kennen geen vrees, maar voor de dood zijn velen bang,
er is eenmaal geen medicijn die dat voorkomt,
totdat God in Christus daarmee bij hen binnenkomt.


Zolang men daarin niet gelooft, zal dat niet helpen,
zij zeggen de gelovigen gaan toch ook allemaal dood?
Zij zullen al hun ellende God voor de voeten werpen,
zolang Hij hen niet zal redden uit die nood.


Eén heeft God niet willen bevrijden,
dat was Jezus, Gods Zoon aan het kruis,
Hij nam op zich de dood, het graf, de hel en het lijden,
voor hen die niet geloven was Hij het
die hen het geloof in Hem gaf,
om eeuwig zich in God te kunnen verblijden. 

Soli Deo Gloria! 
  

maandag 11 augustus 2014




Het goede en het kwade zaad.

Math.13: 24-30
http://www.hervormd-veenendaal.nl/kerkdienst-oude-kerk-gemist
10-08-2014   09.30u



Op Gods akker is gezaaid
het goede en het kwade zaad,
zij mogen van Jezus niet worden gemaaid,
tot aan de tijd van Gods oogst wordt het bewaard.


Wat moeten wij dan doen,
zolang het goede en het kwade groeien,
niets doen, je niet daarmee bemoeien,
laat Gods Geest zijn werk daar doen.


Laat tijdens het groeien zien,
het goede wat God mij heeft geboden,
zodat men ziet wie ik hier dien,
geen dienaar zijn van meerdere goden.


Wacht tijdens de groeitijd af
op het moment door God gekozen,
intussen rechtvaardigt God 
door Jezus de goddelozen.


God maakt Zijn werk zelf af,
in hen die Hij heeft verkozen,
ontvangt God Zijn veelvoudige vruchten
en vernietigt hij de lieden uit de boze.


God schenkt Zijn genade 
door Zijn Woord en Geest aan ons, 
laat daarom Zijn gunst aan ons niet ongelegen,
maar getuig van God die ons wil sparen.


Welk een vreugde zal dat wezen,
als Jezus op de wolken komt,
om Gods recht over goed en kwaad te lezen,
waar geen kind van wie Hij Koning is,
als vrucht van Gods akker wordt gemist.


Soli Deo Gloria!


  

Gods verloste kinderen!

melodie:
http://www.youtube.com/watch?v=620ZY91sTWk
gezang 293 LvdK 1973


1. Nu de cellen komen mogen
onverwachts en heel gemeen,
die Gods kind'ren niet gedogen,
doden zij die om hen heen.
Waardoor zij nu moeten vluchten
voor de haat die is ontstaan,
zij die nu in doodsnood zuchten,
mogen hier niet meer bestaan.


2. Onverwachts ontstaan die cellen,
die op satans hoogst bevel,
christenen nu moeten vellen,
krachten komend uit de hel.
Zoals Jezus werd verraden,
door een volgeling van Hem,
kreeg Hij ook hier geen genade
daarom doden zij ook Hem.


3. Door veel lijden en dan sterven
moeten zij die van Hem zijn,
zo het eeuwig leven erven,
die van Jezus Christus zijn.
Ja, hun haters zijn dezelfde
sloegen Jezus aan het kruis,
voor vergeving moest Hij sterven,
komen zij zo bij Hem thuis.


4. Jezus leerde hen ook bidden
om vergeving van de schuld,
Hij hing daar eens in hun midden,
zo heeft Hij Gods recht vervuld.
Laat ons daarom niet gaan haten,
wat een ander dan ook doet,
Hij heeft hen ook niet verlaten,
maar gaf daarvoor eens Zijn bloed.


5. Jezus lijdt met hen die hier lijden,
die geloven in Zijn Naam,
samen gaan zij zich verblijden,
die Zijn dood zijn ingegaan.
Om Gods Liefde te ervaren,
zal de satan hen hier slaan,
maar God zal hen Zelf bewaren,
God lovend voor Hem doen staan.


Soli Deo Gloria!


vandaag ontving ik dit bericht wat ik op het bovenstaande goed vind passen.

Zaligsprekingen (5)
‘Zalig zijn de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid verkrijgen’ (Mattheüs 5:7, weergave 1534).

Dit is de vijfde eigenschap van de leerlingen van Christus.
Deze spreuk is makkelijk te begrijpen, want Christus heeft door Lukas uitvoerig laten verklaren wat de eigenschappen van de christelijke barmhartigheid zijn (vgl. Lukas 6:27 vv). Namelijk: dat we niet alleen goed zijn voor onze vrienden en voor de mensen die ook goed voor ons zijn, maar evenzo voor onze vijanden van wie we niets goeds te verwachten hebben.
Want op deze manier is God ook barmhartig: Hij is zowel goed voor vrienden als voor vijanden. God laat Zijn zon schijnen over bozen en goeden en regent over rechtvaardigen en onrechtvaardigen (vgl. Mattheüs 5:45).

Deze vermaning tot barmhartigheid klinkt ons misschien niet zo aangenaam in de oren, want de oude Adam kan het kwaad dat hem aangedaan is, niet gauw vergeten. Dat is dan ook de reden waarom we onwillig zijn om goedheid te bewijzen aan mensen die ons op allerlei manieren ongelukkig gemaakt hebben.
Als het zo met ons gesteld is, moeten we toch eens op de opvallend grote troost letten waarover hier geschreven wordt; en de oude Adam niet navolgen.
Eerder heeft de Heere ons al zó getroost: als we nu een zachtmoedig hart hebben en ons niet willen wreken, maar alles in Gods hand overgeven, dat Hij dit dan wil vergelden met rijke zegen en genadige bescherming.

Hier gaat Hij nog een stapje verder: Hij wil niet alleen dat we ons niet wreken, maar ook dat we kwaad met goed vergelden. Hij voegt dan de belofte toe: als we barmhartig zijn voor onze ergste vijanden wanneer deze in nood verkeren, dan wil God ook zo met ons doen en al het kwaad dat we tegen Hem bedreven hebben, vergeven en vergeten en ons in genade en barmhartigheid aannemen (vgl. Mattheüs 6:12).

Zeg nu eens of dat geen zalige mensen zijn aan wie God Zijn genade en barmhartigheid wil bewijzen? Nu, wie dit begeert, die moet christen worden – eerst in Christus geloven en daarna barmhartig zijn voor zijn naaste. God zal dan ook voor hem barmhartig zijn.
Maar dubbel ongelukkig [letterlijk: onzalig] zijn de mensen die deze troost verachten, en bovendien ook nog het kwaad begaan, dat ze armen en ellendige die ze wel zouden kunnen helpen, toch niet willen helpen.

Maarthen Luther

http://www.maartenluther.com

zondag 10 augustus 2014




Afstand opgeheven!


De afstand tussen God en mens
wordt door Gods Geest bepaald,
die sneller dan het licht
door de kracht van het geloof wordt ingehaald,
waardoor zijn ziel zal leven.


Eer dat mijn ziel door Gods Geest, God bidt
heeft God van mij vernomen,
met welke vragen ik zit,
waar ik zonder Hem niet uit kan komen.


Eer dat ik riep heeft God mij gehoord,
 mijn roepen en mijn klagen,
Jezus Zijn Zoon heeft ver daarvoor 
mijn schuld aan het kruis weggedragen.


God is de God van tijd en eeuwigheid,
Hij kiest de zijnen ver voor dat zij dat weten,
God zal de zijnen, die Hem door Zijn Geest aanbidden
 nooit meer kunnen vergeten.


God antwoordt niet op al mijn vragen,
zoals een vader dat bij zijn kind'ren niet doet,
Hij kent en weet wanneer ik dat kan verdragen,
want op dat moment versta ik het antwoord goed.


Hoe ellendig en alleen ben ik zonder God,
niets of niemand kan mij helpen.
Dat is een vreselijk ondragelijk lot,
wat een vreugde is het dan wanneer
Hij komt om mijn tranen te stelpen.


De afstand tussen God en mij
zal eenmaal voor eeuwig opgeheven zijn,
dan wordt geloven Hem aanschouwen,
zonder verdriet, moeite, zonden of pijn
volmaakt gelukkig, waarop ik kan vertrouwen.


Soli Deo Gloria!





Samen lijden, samen overwinnen!


In het teken van de doop
ontving ik Heer' gemeenschap
in Uw lijden en sterven
en schonk U mij de hoop,
dat U ook in mijn leven
gemeenschap hebt
met mijn lijden en sterven,
dat teken heb ik in de doop
Heer' van U verkregen.


Geen ding zal mij overkomen,
waarvan U Heer' geen deel uitmaakt,
U heeft mijn vlees ook aangenomen,
dat in zijn voegen aan alle kanten kraakt.


Laat Heer' mijn weg alleen niet gaan,
waarin beproevingen mij worden gegeven,
maar U wilt ook nu met mij daarin ondergaan,
zo zal ik ook eeuwig met U leven.


Gods Liefde is mij meerder waard,
dan al de schatten van deez' aard
die ik zonder U Heer' met niemand wilde delen,
maar Uw Liefde Heer' die wilde U mij geven.


Laat mij niet los in voor- en tegenspoed,
 U mijn Heiland, mijn Verlosser.
Houd mij verbonden aan Uw, voor mij vergoten, bloed,
dat bindt ons samen in voor- en tegenspoed.


Soli Deo Gloria!